De familie Lubbers
Van Engelbert en Noorddijk naar Oosterhoogebrug en Groningen
De geschiedenis van mijn familie Lubbers is nauw verbonden met het gebied ten oosten van de stad Groningen. Plaatsen als Engelbert, Middelbert, Noorddijk en Oosterhoogebrug keren door de generaties heen steeds terug. Hier woonden en werkten mijn voorouders, vaak als landarbeider of timmerman, en hier ontstonden de familieverbanden die uiteindelijk deel gingen uitmaken van mijn eigen geschiedenis.
Via mijn grootmoeder Jantje Lubbers, geboren in 1916 in de gemeente Noorddijk, voert het verhaal terug naar haar ouders, Evert Jan Lubbers en Trijntje Schoonveld. Haar vader werd op 28 maart 1895 geboren als zoon van Jan Lubbers en Jantje Meelker. Anders dan zijn vader, die als dagloner bij verschillende boeren werkte, leerde Evert Jan een ambacht. Hij volgde de opleiding tot timmerman aan de Ambachtsschool in Groningen en behaalde in 1911 zijn diploma.
Zijn vak zou een belangrijke plaats in zijn leven innemen. In 1922 bouwde hij aan de Oosterhoogebrug een eigen woning, waarvan de gevelstenen met de initialen van hem en zijn vrouw nog altijd een tastbare herinnering vormen. Dankzij bewaard gebleven bouwtekeningen, krantenberichten en familiearchiefstukken is een groot deel van zijn werkzame leven te reconstrueren.
Bijzonder zijn ook de handgeschreven werkboekjes van zijn vader Jan. Daarin hield hij nauwkeurig bij welke werkzaamheden hij voor boeren verrichtte, hoeveel tijd hij daaraan besteedde en wat hij daarvoor verdiende. Tussen de zakelijke aantekeningen staan bovendien persoonlijke opmerkingen over zijn gezin, waaronder zijn zoon Evert Jan. Zo geven deze eenvoudige boekjes een verrassend persoonlijk beeld van het dagelijks leven in die tijd.
Meer over Evert Jans opleiding, zijn werk als timmerman, de bouw van zijn woningen en de bewaard gebleven familiearchieven is te vinden op de afzonderlijke pagina over Evert Jan Lubbers.
I
Michael Robert Huizinga
* 1968
II
T.H. Luttje
x Jacob Huizinga
III
Jantje Lubbers
* 1916
Jan Henri Luttje
* 1914
IV
Evert Jan Lubbers
* 1895
+ 1976
Trijntje Schoonveld
V
Jan Lubbers
Jantje Meelker
Hoe de naam Lubbers ontstond
Wanneer we verder teruggaan, komen we terecht in een tijd waarin vaste familienamen nog niet vanzelfsprekend waren. In Groningen werden mensen vaak aangeduid met patroniemen: namen die verwezen naar hun vader en soms ook naar eerdere generaties.
Een belangrijke gebeurtenis vond plaats in januari 1812. Jan Stevens Everts, woonachtig in Engelbert, liet toen officieel de familienaam Lubbers vastleggen. In de akte werden ook zijn twee zoons genoemd, Lammert Jans en Evert Jans. Daarmee kreeg de naam een vaste plaats in de burgerlijke administratie, juist in de periode waarin onder invloed van de Franse wetgeving de registratie van familienamen veranderde.
De jongste van deze twee zoons, Evert Jans Lubbers, werd in 1810 in Engelbert geboren. In 1842 trouwde hij in Noorddijk met Johanna Jans Heringa, afkomstig uit Harkstede. Hun zoon Jan, geboren in 1843, werd later de vader van mijn overgrootvader Evert Jan Lubbers.
Zo is de familielijn van de naamregistratie in 1812 tot aan de twintigste eeuw aan de hand van verschillende geboorte-, huwelijks- en andere archiefstukken te volgen.
De oudere generaties
De zoektocht stopt echter niet bij de invoering van vaste familienamen. In oudere kerkelijke registers komen namen voor die mogelijk verder terugvoeren naar de familiegeschiedenis in Engelbert, Wierum, Dorkwerd en Noordhorn.
Een van de personen die daarbij opduikt, is Evert Klaassens, die in verband wordt gebracht met het schoolmeesterschap in Engelbert. Samen met Grietje Jans wordt hij in oude kerkelijke bronnen genoemd. Ook zijn er eerdere doop- en huwelijksinschrijvingen gevonden waarin namen als Klaas Lubberts en Lubbert Egberts voorkomen.
Deze documenten bieden interessante aanknopingspunten voor verder onderzoek, maar niet alle verbindingen tussen de afzonderlijke generaties zijn al voldoende bevestigd. Vooral bij veelvoorkomende voornamen en wisselende patroniemen is voorzichtigheid geboden. Een overeenkomst in naam en woonplaats betekent immers niet automatisch dat het om dezelfde persoon gaat.
Juist die onzekerheden maken duidelijk dat genealogisch onderzoek nooit helemaal is afgerond. Iedere nieuwe akte kan een bestaande veronderstelling bevestigen, maar soms ook aanleiding geven om eerdere conclusies opnieuw te bekijken.
Van generatie op generatie
Wat deze familietak bijzonder maakt, is dat een groot deel van de geschiedenis zich eeuwenlang binnen een betrekkelijk klein gebied afspeelt. Van de oude dorpen rond Noorddijk tot het groeiende Groningen van de twintigste eeuw bleef de familie verbonden met het landschap, de boerderijen en de beroepen die daar het dagelijks leven bepaalden.
De bewaard gebleven documenten vertellen daarbij veel meer dan alleen wie met wie verwant was. Een akte waarin een familienaam wordt aangenomen, een dagboekje waarin gewerkte uren worden genoteerd of een gevelsteen met de initialen van een timmerman: het zijn kleine, tastbare herinneringen aan mensen die anders gemakkelijk achter hun namen en jaartallen zouden verdwijnen.