Oldenoord – Toornwerd
Een eeuwenoude boerenplaats, een verdwenen borg en de sporen van de familie Huizinga
Ten oosten van het Groningse wierdedorp Toornwerd ligt de monumentale boerderij Oldenoord. Op het eerste gezicht is het een karakteristieke kop-hals-rompboerderij, omgeven door een gracht en groen. Maar de geschiedenis van deze plek gaat veel verder terug dan het huidige gebouw doet vermoeden.
Oldenoord ligt in een gebied dat vroeger bekendstond als Den Oert. Volgens oude overleveringen zou hier ooit het stamslot van de machtige Groningse familie Van Ewsum hebben gestaan. Of dat verhaal volledig op waarheid berust, is nooit overtuigend vastgesteld. Archeologische vondsten laten echter zien dat het terrein al in de middeleeuwen werd bewoond.
Daarmee vormt Oldenoord een bijzondere verbinding tussen de geschiedenis van het Groninger landschap, de middeleeuwse adel en de boerenfamilies die hier later hun bestaan vonden. Onder die families komen ook verschillende bewoners met de naam Huizinga voor.
Van wierden naar boerenplaatsen
Om de geschiedenis van Oldenoord te begrijpen, moeten we terug naar de tijd waarin het Groninger kustgebied nog grotendeels onder invloed van de zee stond.
De oudste nederzettingen ontstonden op natuurlijke verhogingen en later op kunstmatig opgeworpen wierden. Langs de voormalige Fivelboezem ontwikkelde zich een reeks woonplaatsen, waaronder Kantens, Toornwerd, Middelstum en Westerwijtwerd. Vanaf deze hoger gelegen plekken gebruikten de bewoners de omliggende kwelders voor landbouw en veeteelt.
Toen in de middeleeuwen steeds meer land werd bedijkt, ontstonden nieuwe mogelijkheden. Boeren konden zich ook buiten de bestaande wierden vestigen, op erven die afzonderlijk in het landschap lagen.
Die ontwikkeling bracht nieuwe uitdagingen met zich mee. Hoewel de dijken bescherming boden, bleven wateroverlast en overstromingen een risico. Bovendien konden alleenstaande boerenplaatsen in tijden van strijd kwetsbaar zijn.
Sommige welgestelde bewoners bouwden daarom versterkte stenen huizen, soms op verhoogde en omgracht aangelegde erven. Uit zulke steenhuizen ontstonden in de loop der tijd de grotere borgen die zo kenmerkend werden voor de Groninger Ommelanden.
Ook Oldenoord past binnen deze ontwikkeling van het landschap.
De Oert en de familie Van Ewsum
De geschiedenis van Oldenoord is al lange tijd verbonden met de familie Van Ewsum, een van de invloedrijkste adellijke geslachten van de Groninger Ommelanden.
Volgens een oude overlevering stond in Den Oert een versterkte borg die tijdens een gewapend conflict door de Groningers werd verwoest. Een jonker Ewe zou vervolgens hebben besloten de oude woonplaats niet te herbouwen, maar bij Middelstum een nieuwe borg te stichten: Ewsum.
Dit verhaal is onder meer bekend uit een verklaring uit 1556, waarin oudere documenten werden aangehaald. Het probleem is dat de onderliggende oorkonde als een vervalsing wordt beschouwd. Vermoedelijk diende het verhaal mede om de oude rechten en de aanzienlijke afkomst van de familie Van Ewsum te benadrukken.
Daarmee staat niet vast dat de gebeurtenissen werkelijk zo hebben plaatsgevonden. Toch hoeft dat niet te betekenen dat iedere historische kern ontbreekt.
In de veertiende eeuw komen leden van de familie Ewsum daadwerkelijk in schriftelijke bronnen voor. Ook weten we dat aan Den Oert bijzondere rechten verbonden waren. In 1458 werden verschillende van deze rechten, waaronder het redgerrecht en het recht om kerkelijke functies te laten vervullen, overgedragen aan de borg Ewsum bij Middelstum.
Dat wijst erop dat Den Oert meer was dan een gewone boerenplaats.
Of de huidige boerderij Oldenoord precies op de plek van het oorspronkelijke versterkte huis staat, blijft echter een vraag die niet met zekerheid kan worden beantwoord.
Wat de bodem heeft prijsgegeven
Archeologisch onderzoek door dr. P.B. Kooi heeft meer duidelijkheid gebracht over het verleden van Oldenoord.
Op het erf werden sporen aangetroffen van oude grachten, bouwmaterialen en gebruiksvoorwerpen. Een deel van de vondsten gaat terug tot de late middeleeuwen en laat zien dat op deze plek al eeuwenlang mensen woonden.
Bijzonder zijn de scherven van zogenoemd kogelpotaardewerk uit de twaalfde tot veertiende eeuw. Dergelijke potten werden gebruikt voor het bereiden van voedsel. Daarnaast kwamen fragmenten van later aardewerk tevoorschijn, waaronder schalen, kookgerei, schenkkannen en versierde majolicaschotels.
Ook resten van grote middeleeuwse bakstenen, dakpannen en een oude gedempte gracht werden gevonden. Ze wijzen op bebouwing die aanzienlijk ouder is dan de huidige boerderij.
Andere vondsten spreken misschien nog meer tot de verbeelding. Zo werden onder meer een houten handvat van een middeleeuwse dolk en een ijzeren wapenspits aangetroffen.
Die voorwerpen passen bij een periode waarin het bezit van een wapen niet ongebruikelijk was, zeker in een omgeving waar gewapende conflicten en plaatselijke machtsverhoudingen een rol speelden.
Toch bewijzen de vondsten niet dat hier daadwerkelijk de verdwenen borg van de familie Van Ewsum heeft gestaan. De oude bouwstenen kunnen bijvoorbeeld ook afkomstig zijn van elders en later opnieuw zijn gebruikt.
Wat het onderzoek wel aannemelijk maakt, is dat Oldenoord een oude woonplaats was met bebouwing die verder teruggaat dan de huidige boerderij.
Van adellijk bezit naar boerenbedrijf
In 1596 kwam Oldenoord door verkoop in handen van Joost Veelcker. Daarmee raakte de boerenplaats los van het bezit van de familie Van Ewsum.
De bijzondere rechten die vroeger aan Den Oert verbonden waren, waren tegen die tijd al grotendeels overgegaan naar Ewsum. Oldenoord ontwikkelde zich verder als landbouwbedrijf.
Van de gebouwen uit deze periode is weinig met zekerheid bekend. Wel bleef het oude erf grotendeels omgracht, een opvallend kenmerk dat nog altijd herinnert aan de bijzondere geschiedenis van de plaats.
De huidige boerderij kreeg haar vorm vooral in de negentiende eeuw. De grote schuur dateert uit 1804, terwijl het voorhuis in 1843 werd vernieuwd. Bij de bouw werden oudere funderingen en bestaande bouwmaterialen opnieuw gebruikt.
Een boedelbeschrijving uit 1842 geeft bovendien een inkijkje in de inrichting van het toenmalige woonhuis. Daarin worden onder meer een binnenhuis, gang, keuken, karnhuis, kelder en timmerhuis genoemd.
Het zijn eenvoudige vermeldingen, maar ze maken duidelijk hoe wonen en werken op een groot Gronings landbouwbedrijf met elkaar verbonden waren.
In 1902 werd een kleinere bijschuur vervangen door een groter gebouw. Ondanks dergelijke veranderingen bleef het karakter van de negentiende-eeuwse boerenplaats grotendeels behouden.
Tegenwoordig heeft Oldenoord de status van rijksmonument.
De familie Huizinga op Oldenoord
Voor mijn familieonderzoek is vooral de aanwezigheid van de naam Huizinga op Oldenoord interessant.
In de boedelbeschrijving uit 1842 komen Jan Sijgers Huizinga en Gartje Jans Bakker voor. Jan was landbouwer op Oldenoord en trouwde na het overlijden van Gartje opnieuw, met Eke Jans Schuringa Hopma.
Uit dat tweede huwelijk werd op 4 maart 1843 hun dochter Antje geboren. Zij trouwde in 1871 met Jan Jacobs Oost Elema, die later burgemeester van Middelstum en lid van Provinciale Staten van Groningen werd.
Ook op het kerkhof van Toornwerd zijn grafzerken beschreven van mensen met de naam Huizinga, soms geschreven als Huizenga of Huisenga, die met Oldenoord verbonden waren.
Zo worden Pieter Derks Huisenga en zijn vrouw Geertruit Sijgers genoemd, evenals Sieger en Tamme Pieters Huizenga, die beiden in 1821 overleden. De oude grafschriften bieden daarmee aanvullende aanknopingspunten voor de geschiedenis van de bewoners.
De aanwezigheid van deze familienamen is voor mij een reden om verder te zoeken. Mijn eigen aantoonbare Huizinga-lijn voert via Maarhuizen naar Oldehove en Ezinge. Of de bewoners van Oldenoord daadwerkelijk tot dezelfde familie behoren, is daarmee nog niet vastgesteld.
De verschillende akten en grafvermeldingen bieden mogelijkheden om dat nader te onderzoeken. Totdat de onderlinge verwantschap is aangetoond, blijft het bij een interessante overeenkomst.
Oldenoord in het heden
Ondanks alle veranderingen is Oldenoord als historische boerenplaats herkenbaar gebleven. Het omgrachte erf en de monumentale gebouwen herinneren aan de verschillende perioden die deze plek heeft doorgemaakt.
In september 2023 werd de boerderij tijdens de Open Monumentendagen opengesteld voor bezoekers. De eigenaren verzorgden rondleidingen en gaven belangstellenden de gelegenheid kennis te maken met het bijzondere gebouw en zijn geschiedenis.
Het is een mooi voorbeeld van hoe historisch erfgoed ook vandaag nog een betekenis kan hebben. De middeleeuwse bebouwing is grotendeels verdwenen, maar de plek zelf is blijven bestaan.
Een geschiedenis die nog vragen oproept
Oldenoord is voor mij vooral interessant omdat verschillende historische verhalen hier samenkomen.
De ontwikkeling van het Groninger landschap, de macht van de familie Van Ewsum, archeologische vondsten uit de middeleeuwen en de latere geschiedenis van de familie Huizinga maken deze boerenplaats tot veel meer dan een monumentaal gebouw.
Niet alle vragen zijn beantwoord. Misschien stond hier daadwerkelijk het oorspronkelijke stamslot van de Van Ewsums. Misschien maakte Oldenoord deel uit van een groter geheel waarvan de oorspronkelijke betekenis later verloren ging.
En mogelijk bestaat er ook een genealogische verbinding tussen de bewoners van Oldenoord en mijn eigen voorouders.
Voorlopig moeten we onderscheid blijven maken tussen wat de historische documenten aantonen en wat de aanwijzingen doen vermoeden.
Maar juist die combinatie van tastbare geschiedenis en onbeantwoorde vragen maakt Oldenoord een bijzondere plek in het Groninger landschap — en een interessante halte in mijn zoektocht naar het verleden.