ACHTERGRONDEN

Kinderpartij A.K.P. – Assen 1959

Hoe een tekenles uitgroeide tot een verkiezingscampagne met landelijke belangstelling

In maart 1959 stond Nederland in het teken van de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Politieke partijen voerden campagne, verkiezingsaffiches verschenen in het straatbeeld en via radio en televisie probeerden politici de kiezers voor zich te winnen.

Ook in een klaslokaal in Assen werd die verkiezingsstrijd op de voet gevolgd. Maar daar bleef het niet bij. Leerlingen van de zesde klas van de Jozef Israëlsschool besloten hun eigen politieke partij op te richten: de Algemene Kinderpartij, kortweg A.K.P.

Wat begon als een eenvoudige tekenopdracht, groeide uit tot een opmerkelijke verkiezingscampagne, compleet met een partijprogramma, verkiezingsaffiches, een tegenpartij, een officiële stemming en belangstelling van de landelijke media.

Het initiatief was even speels als serieus. De leerlingen wilden meer zakgeld, minder huiswerk en vooral meer zeggenschap over hun eigen leven. En waarom zouden volwassenen eigenlijk de enigen moeten zijn die politieke eisen mochten stellen?

Een verkiezingsstrijd als inspiratie

De aanleiding voor deze bijzondere geschiedenis lag in de landelijke politiek. Op 11 december 1958 was het kabinet-Drees gevallen na een conflict over het belastingbeleid. Daardoor werden vervroegde Tweede Kamerverkiezingen uitgeschreven voor 12 maart 1959.

De verkiezingscampagne was in het hele land zichtbaar. Partijen verspreidden affiches en drukwerk, organiseerden bijeenkomsten en maakten steeds vaker gebruik van radio en televisie.

Die politieke bedrijvigheid ontging ook de kinderen van de Jozef Israëlsschool niet.

Het hoofd van de school was Daniël (Daan) Huizinga. Naast zijn werkzaamheden in het onderwijs was hij actief in de politiek. Sinds 1953 maakte hij namens de Partij van de Arbeid deel uit van Provinciale Staten van Drenthe.

Daan stond bekend als iemand met een eigen manier van denken en handelen. In zijn klas gaf hij de leerlingen tijdens een tekenles de vrije opdracht iets naar eigen keuze te maken.

Opvallend veel kinderen kozen ervoor verkiezingsaffiches te tekenen.

De belangstelling voor de politiek bleek daarmee groter dan misschien was verwacht. Het bleef niet bij tekenen alleen. De kinderen besloten een eigen partij op te richten, met een programma waarin hun wensen en belangen centraal stonden.

Zo ontstond de Algemene Kinderpartij.

De kinderen komen met een programma

De A.K.P. presenteerde zich als een serieuze politieke partij, maar haar verkiezingsprogramma had een uitgesproken kinderlijke inslag.

De leerlingen vonden dat volwassenen wel erg veel over hun leven te vertellen hadden. Ouders bepaalden wanneer zij naar bed moesten, wat er op tafel kwam en hoeveel zakgeld zij kregen. Ook de school stelde eisen, terwijl kinderen zelf nauwelijks invloed hadden op de lengte van de schooldag of de hoeveelheid huiswerk.

Daar moest volgens de A.K.P. verandering in komen.

De partij pleitte voor aanzienlijk meer zakgeld, minder huiswerk, later naar bed gaan en meer vrijheid om zelf te bepalen wat er gegeten werd. Ook verlangden de leerlingen meer vrije dagen en een schoolweek van slechts twintig uur.

Als lijsttrekker trad de twaalfjarige Sicco Terpstra naar voren, die voor de gelegenheid de bijnaam professor kreeg.

Hij verdedigde de belangen van zijn jonge achterban met een opmerkelijke redenering. Terwijl volwassenen steeds korter gingen werken, moesten kinderen volgens hem nog altijd lange dagen op school doorbrengen. Hun zakgeld bleef bovendien ver achter bij wat zij redelijk vonden.

Ook het verplichte vroege naar bed gaan was een doorn in het oog. Daardoor misten zij interessante radio- en televisieprogramma's, terwijl volwassenen daarvan wel konden genieten.

De eisen waren vanzelfsprekend met een flinke dosis humor opgesteld. Toch zat er een herkenbare gedachte achter: kinderen wilden dat er ook naar hun wensen werd geluisterd.

Politieke zendtijd voor de A.K.P.

De jonge partij nam haar verkiezingscampagne bijzonder serieus. Er werden affiches gemaakt, stembriefjes voorbereid en zelfs geluidsopnamen vervaardigd.

In die jaren kregen politieke partijen zendtijd voor de radio. De officiële aankondiging daarvan had een plechtig karakter: de uitzendingen vonden plaats binnen de door de regering voor politieke partijen gevorderde zendtijd.

De leerlingen namen deze formulering met zichtbaar plezier over.

Voor hun eigen verkiezingsuitzending verzorgde de elfjarige Gea Kampman de aankondiging. Zij las ook het partijprogramma voor, waarna Sicco Terpstra een verkiezingsrede hield waarin hij de standpunten van de A.K.P. verdedigde.

De uitzending werd afgesloten met een eigen partijlied, waarvan het refrein uitdrukking gaf aan het rotsvaste vertrouwen dat de A.K.P. zou blijven bestaan.

Het was een aardige parodie op de echte politiek, maar tegelijkertijd een oefening in spreken, argumenteren, organiseren en samenwerken.

Dat de leerlingen zich op die manier met de verkiezingen bezighielden, trok al snel de belangstelling van journalisten.

(AI bewerking)

De tegenpartij laat zich horen

Een verkiezing met slechts één partij zou natuurlijk weinig spannend zijn. Daarom besloot schoolhoofd Daan Huizinga zelf ook een politieke partij op te richten.

Hij koos de naam P.O.S.: de Partij van Ouders en Schoolmeesters.

Het programma van deze tegenpartij stond op verschillende punten lijnrecht tegenover dat van de A.K.P.

Waar de kinderen meer zakgeld wilden, pleitte de P.O.S. juist voor meer zakgeld voor vaders. En terwijl de leerlingen zelf wilden bepalen wat er gegeten werd, vond de tegenpartij dat vaders daarin het laatste woord moesten hebben.

Ook over het tijdstip waarop kinderen naar bed moesten, verschilden beide partijen van mening. De A.K.P. wilde langer opblijven, terwijl de P.O.S. juist een vroeger bedtijdstip bepleitte.

Opmerkelijk genoeg waren de partijen het over één punt eens: een schoolweek van twintig uur.

Het was duidelijk dat Daan Huizinga het politieke spel met humor benaderde. Door zelf als tegenstander op te treden, gaf hij zijn leerlingen bovendien de gelegenheid hun standpunten tegenover een andere partij te verdedigen.

Daarmee kreeg het experiment een extra dimensie. De kinderen leerden niet alleen hoe je een partij oprichtte, maar ook dat verkiezingen gepaard gaan met tegenstellingen, argumenten en de noodzaak om kiezers te overtuigen.

Een overtuigende verkiezingsoverwinning

De verkiezingen vonden uiteindelijk plaats in het klaslokaal, waar alles zo veel mogelijk volgens de gebruikelijke democratische spelregels verliep.

Er waren stembiljetten, een stembureau en een officiële telling. Enkele aanwezige journalisten namen zelfs plaats achter de tafel van het stembureau.

In totaal werden 49 stemmen uitgebracht.

De uitslag liet weinig ruimte voor twijfel. De Algemene Kinderpartij kreeg 41 stemmen, terwijl de Partij van Ouders en Schoolmeesters er slechts vier wist te verzamelen. Verder waren drie stemmen ongeldig en werd één blanco stem uitgebracht.

Daarmee behaalde de A.K.P. een overweldigende overwinning.

Sicco Terpstra mocht zich vervolgens voor de gelegenheid het gekozen kamerlid van de Algemene Kinderpartij noemen.

Het was natuurlijk geen echte parlementaire verkiezing, maar voor de leerlingen moet het een bijzonder moment zijn geweest. Een idee dat tijdens een tekenles was ontstaan, had geleid tot een volledige verkiezingscampagne waarin zij zelf de hoofdrol speelden.

Historisch journaal – maart 1959

Collectie Beeld & Geluid · NOS · vanaf 2 minuten en 16 seconden

Bekijk de journaalopname in de Schatkamer van Beeld & Geluid 
De geregistreerde uitzenddatum is 1 januari 1959, maar de inhoud beschrijft de verkiezingen van 12 maart. Die archiefdatum lijkt daarom geen betrouwbare oorspronkelijke uitzenddatum.

Van Assen naar de landelijke media

De belangstelling bleef niet beperkt tot de leerlingen, hun ouders en de plaatselijke pers.

Ook regionale en landelijke media besteedden aandacht aan de Algemene Kinderpartij. Volgens de destijds verschenen berichten maakte de Regionale Omroep Noord een reportage en kwamen er zelfs televisieploegen naar Assen.

De belangstelling ging zo ver dat vanuit Hilversum een brief binnenkwam van een dertienjarig meisje dat voorstelde een landelijke kinderpartij op te richten.

Of Sicco Terpstra daarvoor voelde, was nog maar de vraag. Hij reageerde volgens de berichtgeving met de nuchtere mededeling dat hij er nog eens een nachtje over zou slapen.

Dat de Asser kinderpartij ook buiten Drenthe bekendheid kreeg, is inmiddels niet alleen uit geschreven verslagen af te leiden.

In het archief van het Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid is een historische journaalopname bewaard gebleven over de Tweede Kamerverkiezingen van maart 1959. Daarin zijn ook beelden te zien van Sicco Terpstra, die in een klaslokaal een toespraak houdt, en Gea Kampman, die hem aankondigt.

Dat is bijzonder, omdat deze televisiebeelden een rechtstreeks kijkje bieden in een gebeurtenis die anders voornamelijk uit krantenartikelen bekend zou zijn gebleven.

Een bijzonder tijdsbeeld

De kinderpartij ontstond in een periode waarin de verhouding tussen kinderen en volwassenen heel anders was dan tegenwoordig.

In 1959 lag de wettelijke kiesgerechtigde leeftijd in Nederland nog op 23 jaar. Zelfs jonge volwassenen mochten dus niet allemaal aan de landelijke verkiezingen deelnemen.

Tegen die achtergrond is het aardig dat juist twaalfjarige schoolkinderen een eigen politieke partij oprichtten en zich met opvallend veel enthousiasme in de verkiezingsstrijd mengden.

Toch zou het te ver gaan om de A.K.P. achteraf als een volwaardige beweging voor kinderemancipatie te beschouwen. Daarvoor was het initiatief te veel een speels schoolproject, ontstaan uit de actualiteit en de creativiteit van de leerlingen.

Maar juist die combinatie maakte het bijzonder. Het politieke nieuws uit de volwassen wereld werd vertaald naar onderwerpen die kinderen werkelijk bezighielden.

De school werd voor even een klein parlement, waarin ideeën werden verdedigd, verkiezingen werden georganiseerd en de leerlingen konden ervaren hoe democratische besluitvorming werkt.

Ook de rol van Daan Huizinga is interessant. Als schoolhoofd liet hij het initiatief ontstaan, gaf hij de leerlingen ruimte en maakte hij zichzelf vervolgens tot hun politieke tegenstander. Niet om de kinderen de les te lezen, maar om hen aan het denken en discussiëren te zetten.

Waarom dit verhaal hier is opgenomen

De geschiedenis van de Algemene Kinderpartij heeft voor mijn familieonderzoek een bijzondere betekenis vanwege de betrokkenheid van Daan Huizinga.

Zijn leven en latere politieke loopbaan worden elders op deze website beschreven. Maar dit voorval uit 1959 laat een andere kant van hem zien: niet die van de Statenpoliticus of de latere gedeputeerde, maar die van een onderwijzer die zijn leerlingen met humor en verbeeldingskracht iets over de samenleving liet ontdekken.

Daarnaast vind ik het een opmerkelijk stukje Asser geschiedenis. Wat begon als een eenvoudige tekenopdracht, kreeg zoveel aandacht dat er zelfs televisiebeelden van bewaard zijn gebleven.

Ruim zestig jaar later is het idee dat kinderen op school kennismaken met de democratie allang niet meer zo ongebruikelijk. Assen heeft sinds 2019 zelfs een eigen kinderraad, waarin leerlingen kennismaken met de gemeentepolitiek en leren hoe besluiten tot stand komen.

De Algemene Kinderpartij uit 1959 was daarmee niet de rechtstreekse voorloper van de huidige kinderraad, maar vormt wel een aardig historisch voorbeeld van hoe kinderen al veel eerder op hun eigen manier met politiek bezig waren.

Het is een geschiedenis die vooral een glimlach oproept, maar tegelijkertijd iets vertelt over onderwijs, opvoeding en de maatschappelijke veranderingen die in de daaropvolgende decennia steeds zichtbaarder zouden worden.

En misschien was dat wel de grootste overwinning van de A.K.P.: niet de 41 stemmen, maar het feit dat een groep schoolkinderen uit Assen even door heel Nederland werd gehoord.


Bronnen en verantwoording

Dit verhaal is samengesteld aan de hand van historische mediaberichten over de Algemene Kinderpartij (A.K.P.) uit Assen, aangevuld met informatie over de Nederlandse Tweede Kamerverkiezingen van 1959 en de loopbaan van Daan Huizinga.

Gebruikte bronnen

  • Historische kranten- en mediaberichten, maart 1959. Berichten over de oprichting van de A.K.P., het verkiezingsprogramma, de stemming op de Jozef Israëlsschool en de belangstelling van regionale en landelijke media. De afzonderlijke oorspronkelijke publicatiedata en krantentitels zijn nog niet volledig vastgesteld.

  • Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid. Journaalopname over de Tweede Kamerverkiezingen van 1959. De archiefbeschrijving vermeldt beelden en geluid van Sicco Terpstra en Gea Kampman van de Algemene Kinderpartij. Collectie publieke omroepen, archief-ID 2101608070056334431.

  • Rijksuniversiteit Groningen, Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen. Campagne Tweede Kamerverkiezingen 1959.

  • Parlement.com. Tweede Kamerverkiezingen 1959.

  • Encyclopedie Drenthe. Daniël (Daan) Huizinga, over zijn werkzaamheden in het onderwijs en zijn politieke loopbaan.

Het verhaal is een historische reconstructie op basis van de beschikbare berichtgeving. Waar de oorspronkelijke publicaties nog niet afzonderlijk konden worden teruggevonden, zijn de gegevens met die beperking overgenomen. De aanvullende beschouwing over onderwijs en democratie is een interpretatie achteraf.

Meer over Daan Huizinga is te lezen op zijn biografische pagina.